Accommodatie
Klikt u voor een impressie van ons centrum op het scherm en de video begint te draaien.
De praktijk bestaat uit 2 grote oefenzalen van elk 100 m² en is uitgerust met moderne trainingsapparatuur. Hiernaast is de helft van het oppervlak gereserveerd als vrije ruimte voor functionele oefentherapie.
Naast deze oefenruimte zijn er 10 fysiotherapieruimtes op de begane grond en nog eens 7 ruimtes op de eerste verdieping. De ruimtes op de eerste verdieping zijn voor meerdere disciplines inzetbaar. Ze zijn zo ingericht dat het bloedlaboratorium, de inspanningsfysiologen en sportartsen er ook gebruik van kunnen maken.
De disciplines Kinderfysiotherapie, Acupunctuur en Mensendieck zijn vanaf begin 2008 aan de overkant van het SMC Amsterdam gehuisvest in een kleiner centrum voor overige disciplines.
Ons complex ligt gesitueerd centraal tussen voetbalvelden en tennisvelden van het Olympiaplein. Door deze faciliteiten is het mogelijk om de trainingen zowel binnen als buiten op de velden te organiseren.
Hierdoor worden extra trainingsvormen zoals looptechniektraining, Fysiofitness, Post-revalidatietraining, Fitzwanger, Bodyfit en Hart & Beweging mogelijk. Vanuit het oogpunt van het moderne functionele trainen is dit uitermate geschikt. Ook worden er revalidatietrajecten in groepsverband gegeven, bijvoorbeeld: een Parkinson trainingsgroep, een MS groep en hartrevalidatie. Buiten het centrum worden tevens een aantal trainingen gefaciliteerd zoals looptraining in het Olympisch stadion.
Geschiedenis van ons centrum
De geschiedenis van het Sport Medisch Centrum Amsterdam is begonnen in 1977 toen de oprichter, Reinier van Dantzig, zich vestigde op de Spaarndammerstraat in Amsterdam. Omdat deze praktijk te klein was voor alle aspecten van de (sport-) revalidatie groeide het bedrijf uit tot 4 apart gelokaliseerde fysiotherapiepraktijken door heel Amsterdam. In 1982 startte hij een centrale praktijk op de Apollolaan waar uit later dit centrum zou voortvloeien. Eind jaren ‘80 ontstond, door de enorme expansie van de laatste jaren en innovatieve motieven, het idee om een groot sportmedisch centrum te laten bouwen waarin alle disciplines samen werkten. Vanwege de locatie en gemeentelijke bezwaren heeft het echter tot 2000 geduurd eer de bouwplannen gerealiseerd konden worden. Inmiddels waren de 4 praktijken onafhankelijke fysiotherapiepraktijken en werd de centrale praktijk op de Apollolaan geleid door een zeskoppig maatschap. Na een aantal jaar telde de ‘praktijk Apollolaan’ 35 werknemers verdeeld over twee locaties in Amsterdam Zuid.
Het Sport Medisch Centrum opende zijn deuren op 1 januari 2003 op het Olympiaplein en de praktijk Apollolaan werd formeel opgeheven.
Het Olympiaplein heeft een rijke sporthistorie op het gebied van de atletiekbaan. Deze is inmiddels geweken voor de huidige multifunctionele sportvelden. Het oorspronkelijke doel van de sintelbaan was gelegen in het feit dat het ten tijden van de Olympische Spelen van 1928 diende als warming-up baan.
Sinds de opening in 2003 is ons centrum door de aanwezigheid van de vele sportmedische disciplines in 2006 een Sport Medisch Instituut (SMI) geworden. Daarnaast zijn wij officieel verbonden met een aantal sportbonden waaronder de Koninklijke Nederlandse hockeybond (KNHB) en de Nederlandse Skivereniging (NSkiV).
Dit verband zorgt ervoor dat het SMC Amsterdam samen met het SMC Papendal en de KNVB te Zeist gelieerd zijn aan het NOC&NSF via de felbegeerde SCAS certificatie.
Demografie Amsterdam
Op 01-01-08 wonen er in Amsterdam 743.104 personen verdeelt over 15 stadsdelen. Het stadsdeel Amsterdam Oud-zuid waar het Sport Medisch Centrum Amsterdam is gelokaliseerd telt 83.319 inwoners. De samenstelling van de wijk is 1/3 allochtoon en 2/3 autochtoon. Het aandeel westerse allochtonen is gelijk aan de niet westerse allochtonen. Van deze laatste groep is het grootste gedeelte van Surinaamse of Marokkaanse afkomst. Als men naar de leeftijdscategorie kijkt in de twee direct aangrenzende buurten van het SMCA, de zogenoemde ‘Apollobuurt’ en de ‘Stadionbuurt’ ziet men dat de leeftijd van de inwoners varieert tussen de 30-44 waar de stadionbuurt relatief iets jonger is. Uit verdere bestudering van de demografische gegevens van de wijk Oud zuid is ook op te merken dat er meer kinderen zijn dan ouderen. Dit gecombineerd met het gemiddelde leeftijd van de wijken hebben we te maken met zogenoemde ‘jongere ouderen’ met kinderen. Dit is mede te verklaren met het aantal groenvoorzieningen en ruime opzet met veel speelruimte faciliteiten in de twee buurten. De oppervlakte van de groenvoorzieningen ligt naar schatting tussen de 20 – 40% van het grondgebied in de buurt. Dit ligt 8-28% boven het gemiddelde van Amsterdam. Als laatste is gekeken naar de samenstelling van de gezondheidszorg in het stadsdeel Oud zuid. Op 1 januari 2008 zijn er 46 huisartsen, 141 tandartsen, 11 apothekers en 142 fysiotherapiepraktijken ingeschreven. De samenstelling van deze fysiotherapiepraktijken (solo, multidisciplinair of interdisciplinair) is niet duidelijk. Het meest opvallend is misschien dat het stadsdeel Oud zuid geen toekomstige verschuivingen ziet in de komende 10 jaar. Relevant voor deze contextanalyse is wel dat er retrospectief een merkwaardige verschuiving waarneembaar is in het aantal fysiotherapiepraktijken. In de Apollobuurt en de Stadionbuurt heeft men de afgelopen twee jaar het aantal praktijken zien toenemen met 300%. Dit hoewel het aantal inwoners niet is gegroeid.
Patiëntenpopulatie van ons centrum
Uit een patiëntenonderzoek in het SMC Amsterdam blijkt dat de gemiddelde leeftijd van de patiënten tussen de 35 en 50 ligt. Deze cijfers komen overeen met de gemiddelde leeftijd van de inwoners van het stadsdeel Oud Zuid. Het aantal vrouwen dat naar het centrum komt is met 60% iets meer dan de mannen en het de verhouding allochtoon autochtoon is 1 op 4 patiënten. Het opleidingsniveau van de patiënten is ook bekeken in het onderzoek en de meeste 44% van de patiënten zijn HBO/WO geschoold. De meest voorkomende type klachten is intern bekeken aan de hand van diagnosecodes en de meeste diagnosecodes omvatten klachten van de wervelkolom. De specifieke diagnosecodes voor chronische aspecifieke lage rugklachten en status na een voorste kruisbandplastiek komen het meeste voor. 60% van deze klachten is sportgerelateerd. Deze cijfers lijken overeen te komen met landelijke cijfers.
